Generatiewoningen Drachten

Programma
Dorpstraat ons dorp
Initiatief
2008
Opdrachtgever
Woningbouwvereniging Smallingerland
Ontwerp
pvanb architecten m.m.v. MD-Landschapsarchitecten, Sofa, Ventoboreale
Download
project PDF

Generatiewoningen Drachten

Generatieloos

De opgave van meergeneratiewoningen en gemeenschappelijkheid impliceert in principe het ontwerpen van woningen die voor meerdere generaties geschikt zijn en die een bepaalde collectiviteit tot stand brengt. Toch lijkt een herformulering van de opgave noodzakelijk; de vraag is feitelijk of het concept van meergeneratiewoningen een duidelijke vorm en een zichtbare ruimtelijke vertaling vereist. Hebben bepaalde generaties daadwerkelijk behoefte aan een bepaalde type woning? Daarnaast beslaat een groep mensen met een vergelijkbaar waardepatroon of interessegebied doorgaans meerdere generaties en laten gemeenschapszin en betrokkenheid zich niet beperken door ruimtelijke structuren. Is de veronderstelling om een gemeenschap te creëren op basis van woningtypen niet ongegrond?
De opgave lijkt de moeite van het omkeren en aanscherpen waard; heeft niet elke woning de potentie om een meergeneratiewoning te zijn? Is het geen uitdagende opgave om woningen te ontwerpen waarin men zo lang mogelijk kan blijven wonen; kortom, om woningen te maken die ‘generatieloos’ zijn en die in de relatie met hun omgeving ruimte bieden aan zowel collectiviteit als individualiteit - onafhankelijk van leeftijd of doelgroep?

Een generatie woningen

Een verschil in leeftijd of generatie veronderstelt niet automatisch een verschil in woning of woonomgeving. Dat is de basis voor de visie; een contramal van de naoorlogse ‘wijkgedachte’. Een woonomgeving die geen uiting geeft aan verschillende generaties of doelgroepen, maar ruimte laat voor het ontstaan van betrokkenheid en gemeenschapszin die voortkomt uit gemeenschappelijke interesses of overeenkomstige normen- en waardepatronen.
Bij het ontwerp en de situering van het woonprogramma gaat belangrijke aandacht uit naar het wonen in relatie tot de woonomgeving. Hieruit volgt de inrichting en de potentie van het plangebied. Het archetype Hollandse vrijstaande huis vormt de basis voor het plan en op grond hiervan zijn in omvang verschillende volumes met vergelijkbare verhoudingen over de locatie verspreid. Hierbij presenteert het plan zich als een familie huizen; het verbeeldt letterlijk en figuurlijk de continuïteit van opeenvolgende generaties - het plan creëert een generatie woningen.

Omzoomd

De locatie bevindt zich in het noorden van Drachten en bestaat uit een langgerekt rechthoekig terrein dat is omzoomd door een brede sloot en een bomenrij. Ze wordt omringd door een zee uniforme, veelal geschakelde woningen die geordend zijn volgens de voor de jaren zeventig en tachtig kenmerkende bloemkoolstructuur van wegen en doodlopende erven. Aan de noordoostelijke en zuidwestelijke korte zijden van het terrein wordt de locatie begrensd door de ontsluitingsweg van de omliggende wijk. De lange zijden daarentegen grenzen aan de achterkanten van de omringende bebouwing.

Een collectieve ruimte

De locatie is opgevat als een leeg maaiveld waarover het woonprogramma is uitgespreid en dat ‘gevuld’ kan worden met gemeenschappelijke voorzieningen. Hierbij zijn verschillende ‘Hollandse huizen’ ogenschijnlijk willekeurig over het terrein verspreid. De volumes van de huizen verschillen in grootte maar niet in verhouding. In totaal zijn er zes verschillende huizen die wat betreft grootte een opeenvolgende reeks vormen.
In stedenbouwkundig opzicht vormt de visie een inversie van haar omgeving. In tegenstelling tot de naar binnen gekeerde erven van de omgeving is het plangebied binnenstebuiten gekeerd; de bebouwing creëert geen ruimte maar staat in de openbare en collectieve ruimte en richt zich volledig op haar omgeving. De woningen hebben geen voor- en achterkant; ze oriënteren zich op alle richtingen.

 

Dorp en omstreken

Het plan bestaat uit twee delen; dorp en omstreken. Tussen de huizen in het dorpse, meer verdichte deel van het plangebied ontstaan pleinen, straten en stegen. Dit deel vormt het centrum van het plan, maar kan tevens als een nieuw middelpunt van de omringende wijk gezien worden. Het vormt de voornaamste entree tot het gebied vanaf de ontsluitingsweg van de wijk en kijkt uit over het aangrenzende park. In het dorpse deel bestaat de bebouwing voornamelijk uit grotere huizen; deze zijn opgebouwd uit twee lagen grondgebonden woningen met daarboven appartementen.
In de omstreken bevinden zich de kleinere huizen, waartussen ruimte is voor paden, velden, vijvers en ruime beplanting. De kleinere huizen beperken zich tot grondgebonden woningen en variëren van één tot drie onder één kap. Hoewel dorp en omstreken een verschillend karakter hebben, zijn ze op een vergelijkbare, informele manier geordend. Hierbij zorgen de positie en alzijdigheid van de bouwblokken voor een genuanceerde balans tussen de privacy van de woning en de collectiviteit van de wijk - de mogelijkheid van direct contact met de omgeving.

 

Mix van gemeenschappen

Op basis van de ongedwongen ordening van de woonblokken is binnen het plangebied ruimte voor gemeenschappelijke activiteiten en gedeelde voorzieningen, die uiting kunnen geven aan gemeenschappelijke interesses, hobby’s of een manier van wonen. Het collectieve en publieke karakter van de woonomgeving creëert een ‘mix van gemeenschappen’ en vergemakkelijkt sociale interactie en menselijk contact. Hierbij zijn verspreid over het plangebied schuren of werkplaatsen geplaatst, zodat op initiatief van bewoners, bijvoorbeeld in verenigingsverband, collectieve programma’s opgezet kunnen worden.
Het dorp biedt plaats aan verschillende activiteiten. Het plein aan de ontsluitingsweg fungeert als dorpsplein van het gebied. Hier is ruimte voor terrasjes, een jeu de boules-baan en een openlucht schaakspel. Verder bevinden zich in dit deel kleinere pleinen waar bijvoorbeeld ruimte is voor het sleutelen aan auto’s en fietsen of voor een houtwerkplaats. Ook is er ruimte voor een vijver die via een kanaal met de vijver in de omstreken verbonden is en tevens in contact staat met de brede sloot die de locatie omringt. Om de ruimte en de richting van pleinen en straten te verdelen worden grote plantenbakken geplaatst, die ook de overgangen definiëren tussen privé-ruimten en openbaar gebied.
In de omstreken zijn de collectieve programma’s verspreid over verschillende velden die programmatisch en daardoor ook in ruimtelijke en landschappelijke vormgeving van elkaar kunnen verschillen. De huizen bevinden zich op de randen van de velden en worden ontsloten door een padenstructuur. De velden bestaan bijvoorbeeld uit een moestuin die omringt is met een haag; een kinderboerderij met speeltuin; een vlindertuin omringt met Prunussen en beplant met verschillende soorten Heesters; en een recreatieveld met onder andere een zwemvijver, zonneweide en barbecue, die begroeid is met Rododendrons. De velden zorgen voor een onderlinge relatie tussen de aangrenzende huizen en bieden een optimale gelegenheid tot het ontstaan van collectiviteit. De opzet van het plan laat ruimte om elkaar te ontmoeten, maar ook om elkaar te vermijden. Naast de directe oriëntatie op de omgeving en het leven en contact op straat geeft het plan de mogelijkheid om geborgen en teruggetrokken te wonen; iedere bewoner bepaalt zijn eigen mate van collectiviteit.

Drempelloos over meerdere lagen

De zes in grootte opeenvolgende huizen hebben dezelfde vorm en verhoudingen, maar verschillen in woningtypologie. Om de woningen generatiebestendig te maken dienen ze in feite gelijkvloers en drempelloos te zijn, zoals bij de appartementen in het dorpse deel het geval is. De grondgebonden woningen bestaan echter uit minstens twee lagen; deze combineren wonen in relatie tot de directe omgeving op de begane grond met meer besloten en geborgen slaap- en studievertrekken op de verdieping. Het woonprogramma wordt georganiseerd rondom een ruime vide die de woonlagen ruimtelijk verbindt en waarin de trap zich omhoog vouwt. In deze vide is ruimte voor een huislift, die optioneel aangeboden kan worden. Met een investering van € 15.000,- (die gezien de huidige marktwerking als gevolg van de vergrijzing alleen maar lager zal worden) wordt daarmee een eenvoudig en praktisch alternatief geboden voor een anders noodzakelijke verhuizing om gelijkvloers te gaan wonen.
Daarnaast hebben de woningen in het landelijk deel van het plangebied de mogelijkheid om de woonkamer te vergroten of een extra kamer te realiseren. Het plan biedt zo geen onderscheidt in woningen voor verschillende doel- en leeftijdsgroepen, maar waarborgt juist de potentie en toegankelijkheid van elke woning.
De huizen met grondgebonden woningen bestaan uit twee, drie of vier lagen. De grotere huizen waarin zich ook appartementen bevinden bestaan uit vier, vijf of zes lagen, waarvan de onderste twee steeds grondgebonden woningen zijn. De appartementen worden ontsloten door een semi-openbare ‘straat’ op de tweede verdieping die de grote blokken in het dorpse deel met elkaar verbindt. Deze straten vormen tevens een verblijfsruimte op niveau en raken aan de buitenruimtes van de aangrenzende appartementen. Elke woning heeft een buitenruimte in de vorm van een veranda, terras of balkon. De buitenruimtes oriënteren zich op hun directe omgeving en zorgen, door een duidelijke en zorgvuldig vormgegeven afscheiding, voor een subtiele overgang tussen privé en openbaar gebied. De parkeerfaciliteiten voor de bewoners van het dorpse deel en voor bezoekers bevinden zich in een ondergrondse parkeergarage die direct toegang tot de woningen biedt. In het landelijke deel is het parkeren voor de bewoners in parkeerhavens met vaste plaatsen aan de rand van het plangebied opgelost.

 

Het Hollandse huis

Net als de fundament van de woongebouwen refereert de architectuur van het plan aan het archetype Hollandse huis; een zadeldak met pannen, gemetselde gevels in verschillende rood-bruine tinten en decoratieve patronen in zandkleurige steen, witte houten kozijnen, een witte houten dakgoot en een dakkapel en uitbouw als uitbreidingsmogelijkheden. De indeling van de gevels is vergelijkbaar met de vrije ordening van de woonblokken zelf; uitgangspunt vormt een goed gedetailleerd archetype venster dat op basis van vergelijkbare verhoudingen in verschillende afmetingen over de gevel is verspreid. De vensters verbeelden hiermee het karakter van het totale plan en vormen tegelijk vanuit de woningen een veelzijdige omlijsting van de omgeving.
De abstracte decoratieve tekening in het metselwerk refereert aan de plek van de woning in de wijk en de aangrenzende gemeenschappelijke activiteiten. Ze belichaamt de potentie van het plan om op basis van de gemeenschapszin van gelijkgestemden een collectieve woonomgeving te laten groeien. Daarnaast geeft ze uiting aan de diversiteit van gemeenschappen en de flexibiliteit van de woongebouwen; het plan biedt perspectief voor elke generatie en doelgroep en zal dit blijven bieden in de toekomst.

vergelijkbare projecten

  • project: Ontwikkelvisie Dokkum

    Ontwikkelvisie Dokkum
  • project: Sportcomplex EuropaPark

    Sportcomplex EuropaPark
  • project: Studententoren Cortinghborg locatie

    Studententoren Cortinghborg locatie
  • project: ZO GAAN WIJ WONEN.NL

    ZO GAAN WIJ WONEN.NL
  • project: Bezoekerscentrum Oostvaardersplassen

    Bezoekerscentrum Oostvaardersplassen
  • project: Locatie Kolenkade Europapark

    Locatie Kolenkade Europapark
  • project: Patiowoningen Tynaarlo

    Patiowoningen Tynaarlo